Afgifteplicht voor afgedankte elektrische apparaten vanaf 1 januari 2027
Installatiebedrijven moeten afgedankte elektrische en elektronische apparatuur vanaf 1 januari 2027 via erkende inzamelkanalen of gecertificeerde verwerkers afvoeren. De nieuwe wettelijke afgifteplicht moet voorkomen dat waardevolle grondstoffen buiten de officiële afvalverwerkingsketen verdwijnen. Ook oude cv-ketels, warmtepompen, airco's en boilers vallen onder de regeling.
Vanaf 1 januari 2027 gelden strengere regels voor de afvoer van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA). Met de invoering van een wettelijke afgifteplicht wil de overheid ervoor zorgen dat deze apparaten op de juiste manier worden ingezameld en verwerkt. De verplichting geldt voor specifieke bedrijfsactiviteiten, waaronder installatiebedrijven, bouwbedrijven, metaalrecyclingbedrijven en kringloopbedrijven.
Voor installatiebedrijven betekent dit dat afgedankte elektrische en elektronische apparatuur die tijdens werkzaamheden vrijkomt, niet langer via willekeurige afval- of metaalstromen mag worden afgevoerd. De apparatuur moet terechtkomen bij een wettelijk toegestane inzamelaar, een gecertificeerde verwerker of een inzamelpunt van een producentenorganisatie.
Voorkomen van weglekken van grondstoffen
Aanleiding voor de nieuwe regelgeving is dat een aanzienlijk deel van het elektronische afval niet via de daarvoor bestemde verwerkingskanalen wordt afgevoerd. Volgens de toelichting bij het besluit werd in 2020, op basis van eerder onderzoek, geschat dat jaarlijks circa 100.000 ton afgedankte elektrische en elektronische apparatuur als oud ijzer werd afgevoerd. Daardoor vindt niet altijd verwerking plaats volgens de daarvoor geldende eisen.
Juist apparaten uit de installatiebranche bevatten waardevolle materialen, waaronder metalen die opnieuw kunnen worden gebruikt. Denk aan oude cv-ketels, warmtepompen, airconditioningsystemen, boilers, armaturen en kabels. Door deze apparaten gescheiden in te zamelen en volgens de voorgeschreven normen te verwerken, kunnen grondstoffen worden teruggewonnen en schadelijke stoffen op een verantwoorde manier worden verwijderd.
Drie toegestane afvoerroutes
De nieuwe regelgeving schrijft drie mogelijkheden voor om afgedankte elektrische en elektronische apparatuur af te geven:
- Gecertificeerde verwerker: bedrijven kunnen de apparatuur rechtstreeks afgeven aan een verwerker die voldoet aan de eisen uit artikel 11 van de Regeling afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Daarbij is een conformiteitsverklaring op basis van de toepasselijke CENELEC-normen vereist.
- Inzamelingssysteem van producenten: afgedankte apparatuur kan worden afgegeven aan een inzamelpunt dat door een producent of producentenorganisatie is aangewezen. In Nederland verzorgt Stichting OPEN dit landelijk, onder meer via Wecycle voor bedrijven. Ondernemers kunnen hun afgedankte apparatuur naar een inleverpunt brengen of laten ophalen.
- Vergunde inzamelaar: afgifte is ook mogelijk aan een inzamelbedrijf dat beschikt over een geldige vergunning voor het inzamelen van AEEA.
De keuze voor een van deze routes ligt bij het bedrijf dat zich van de afgedankte apparatuur ontdoet. Afvoer via een reguliere metaalhandel of een andere inzamelaar is dus niet zonder meer toegestaan. De ontvanger moet aan de specifieke wettelijke voorwaarden voldoen.
Stichting OPEN: afgifteplicht onmisbaar
Stichting OPEN verwelkomt de invoering van de afgifteplicht, waarvoor de organisatie jarenlang heeft gepleit. Volgens Stichting OPEN werd in 2025 72 procent van al het vrijgekomen elektrische afval ingezameld. Om de landelijke inzameldoelstelling van 85 procent te bereiken, is de afgifteplicht volgens de organisatie onmisbaar. Hiermee kan naar schatting 35 miljoen kilo aan apparaten uit de lekstromen worden gehaald en alsnog via de gecertificeerde verwerkingsketen worden verwerkt. Stichting OPEN benadrukt wel dat het succes afhankelijk is van een goede praktische uitwerking, duidelijke communicatie en effectieve handhaving door onder meer de Omgevingsdiensten en de ILT. Over onder meer de registratieverplichtingen en de rol van de BIA-vergunning wil de organisatie daarom nog in gesprek met de betrokken overheidsinstanties.
Hergebruik en reparatie blijven mogelijk
De afgifteplicht geldt uitsluitend voor apparatuur die daadwerkelijk de afvalstatus heeft bereikt. Apparaten die nog geschikt zijn voor reparatie, hergebruik of refurbishment vallen niet onder de afgifteplicht zolang ze niet als afval worden aangemerkt. Een installatiebedrijf kan een apparaat dus nog steeds laten repareren of als tweedehands product overdragen aan een refurbisher of een ander bedrijf voor hergebruik.
Het moment waarop de eigenaar besluit zich van een apparaat te ontdoen, is bepalend voor de afvalstatus. Zodra het apparaat als afval wordt aangemerkt, moet het volgens de voorgeschreven routes worden afgegeven. Dat betekent overigens niet dat het apparaat automatisch moet worden gerecycled. Ook voorbereiding voor hergebruik blijft mogelijk, mits dit gebeurt binnen de daarvoor geldende wettelijke eisen.
Toezicht op naleving
De afgifteplicht is opgenomen in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Het toezicht op de naleving bij bedrijven ligt bij het bevoegde gezag, waaronder gemeenten en omgevingsdiensten. Daarnaast heeft de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) een rol bij het toezicht op de inzamelaars en verwerkers.
Met de nieuwe regels worden ook de voorwaarden voor inzamelaars en verwerkers aangescherpt. Inzamelaars van AEEA moeten over een specifieke inzamelvergunning beschikken. Verwerkers krijgen daarnaast te maken met aanvullende verplichtingen voor het melden van ontvangen afvalstromen.
Voor installatiebedrijven is het daarom verstandig om vóór 1 januari 2027 de bestaande afspraken over de afvoer van oude apparaten te controleren. Ga na of de afvalinzamelaar over de juiste vergunning beschikt en of de gekozen verwerkingsroute aan de wettelijke eisen voldoet. Stichting OPEN biedt via Wecycle voor bedrijven informatie over de beschikbare inzamelmogelijkheden.
De nieuwe afgifteplicht moet ervoor zorgen dat meer afgedankte elektrische apparaten in de officiële verwerkingsketen terechtkomen. Daarmee worden waardevolle grondstoffen behouden en wordt voorkomen dat elektronisch afval buiten de daarvoor bestemde recycling- en verwerkingskanalen verdwijnt.