Goede voornemens
De verbouwing van ons land met betrekking tot energie, infrastructuur, mobiliteit en meer moet nog verder versnellen. In het najaar werd duidelijk dat we achterlopen met betrekking tot onze ambitie om in het jaar 2030 al een reductie op onze CO2-uitstoot van maar liefst 55 procent te hebben gerealiseerd ten opzichte van peiljaar 1990.
We zijn trouwens niet de enige die in meer of mindere mate achter de (klimaat)feiten aanloopt. Zo werd eind vorig jaar namelijk ook duidelijk dat de wereld als geheel afstevent op een slordige 3 graden opwarming ten opzichte van de referentieperiode van 1850 tot 1900. Wereldwijd namen de emissies in 2024 niet af maar stegen zelfs weer na een tijdelijk coronadipje rond 2020.
De lat ligt hoog en vooralsnog buiten bereik. En mogelijk komt die lat door het veel rechtsere sentiment in Europa en de Verenigde Staten zelfs nog verder buiten bereik te liggen. Zorgelijk dus. Gelukkig hangt het niet alleen van politiek af. Onder de regering Joe Biden is er een grootschalige vergroening op gang gekomen in Amerika. Dat ging gepaard met een forse banengroei. Banengroei. Arbeidskrachten dus. Precies dat kan in eigen land wel eens een struikelblok zijn of worden.
In het najaar sprak ik voor een volgepakte zaal MBO-leerkrachten in de studierichtingen energie, installatie, mobiliteit en transport. Precies in die sectoren hebben we voor de enorme verbouwing de meeste technisch geschoolde handjes nodig, juist ook van middelbaar opleidingsniveau. Maar is er voldoende instroom, of kiezen te veel jongeren voor hoger of wetenschappelijk onderwijs? Ook mooi natuurlijk, maar de praktische verbouwing vergt dus heel veel arbeidskrachten. Kunnen we daar in voorzien. Of moeten we het (nog meer dan nu) hebben van arbeidsmigranten?
Het zou fijn zijn als de overheid (ook) inziet, dat die duurzame verbouwing van het grootste belang is, en dat dat impliceert dat het onderliggende onderwijs meer dan toereikend moet zijn. Bezuinigingen in zowel onderwijs als innovatie zijn uit den boze. Juist nu. Toch zet de huidige coalitie daar wel op in. Wederom: zorgwekkend! Willen we bij de les blijven, of liever nog, koploper worden, dan hebben we juist meer geld nodig voor onderwijs, innovatie en wetenschappelijk onderzoek.
Maar misschien dat we zelf als sector en vanuit de branche meer naar buiten kunnen treden. Om via heldere communicatie beter naar buiten te brengen, dat een gezonde duurzame toekomst mede afhangt van de mensen op de werkvloer. En dus ook van de jongeren die op het punt staan om hun opleiding te kiezen. Van de volgende generatie moeten we het toch echt hebben.
Dus misschien is dat een goed voornemen voor de installatiebranche. Een branche brede campagne voor de installateurs van morgen op de rails zetten!