Thuisbatterij in de lift: komt er een norm of niet?
Experts delen inzichten tijdens energieke bijeenkomst van NEN
De thuisbatterij is sterk in opkomst. Huiseigenaren slaan er hun zonne-energie mee op, zodat ze ook 's avonds of op bewolkte dagen kunnen profiteren van zelfopgewekte stroom. Maar een formele norm voor deze technologie? Die ontbreekt nog. Daarom organiseerde normalisatie-instituut NEN op 12 juni 2025 een verkennende bijeenkomst met ruim honderd deelnemers uit de installatiebranche, netbeheer, onderzoek en industrie. Doel: peilen of er draagvlak is voor een norm en zo ja, welke onderwerpen daarin moeten terugkomen.
Markt vraagt duidelijkheid
Volgens Jeroen Melsen, consultant bij NEN en organisator van de bijeenkomst, zijn de signalen uit de markt overduidelijk. “Normen dragen bij aan de compatibiliteit, veiligheid en duurzaamheid van producten, processen en diensten,” aldus Melsen. De bijeenkomst kwam er op verzoek van klanten die vragen hadden over installatie-eisen, certificering en de invloed van thuisbatterijen op woninglabels. Daarbij groeit de markt gestaag: “De helft van de huiseigenaren overweegt de aanschaf van de thuisbatterij,” aldus Melsen, die zich baseert op een onderzoek van Slimster uit 2025.
Stappen naar normalisatie
Tijdens de bijeenkomst lichtte Melsen ook het normalisatieproces toe. Dit kent vijf fasen, te beginnen met een voorbereidingsfase, gevolgd door het vormen van een werkgroep met belanghebbenden. Die groep stelt een conceptnorm op, waar publiek commentaar op mogelijk is. Daarna wordt het commentaar verwerkt en volgt uiteindelijk de publicatie. De bijeenkomst in juni was onderdeel van de voorbereidende fase.
Breed gedeelde behoefte aan afspraken
Van de ongeveer honderd deelnemers namen er twintig fysiek deel aan de bijeenkomst, de rest was online aanwezig. Uit een poll onder hen bleek een brede behoefte aan afspraken over thuisbatterijen. Hoe die afspraken eruit moeten zien, leverde de nodige discussie op.
Paul Hoorens, Business Solutions Manager bij Croonwolter&dros en vertegenwoordiger van Techniek Nederland, benadrukte het belang van afspraken over onderhoud: “Bij een gasketel is dat al geregeld. Onderhoudsmonteurs hebben een CO-certificering nodig om aan een ketel te mogen werken. Voor een thuisbatterij moet zo’n eis ook gelden.”
Veiligheid als topprioriteit
De groepsdiscussie maakte duidelijk dat veiligheid het belangrijkste onderwerp is voor een eventuele norm. Toch plaatsten sommige experts kanttekeningen: er zijn nog weinig incidenten bekend. Anderen benadrukten dat proactief beleid nodig is. “Als mensen zo’n batterij als wasrek gaan gebruiken, heb je brand,” waarschuwde een deelnemer. Ook werd geopperd dat er in veiligheidsrichtlijnen onderscheid moet worden gemaakt tussen chemische samenstellingen, zoals LFP en NMC.
Ook cybersecurity op de agenda
De discussie beperkte zich niet tot fysieke veiligheid. Ook cybersecurity kwam aan bod. Slimme thuisbatterijen – en zelfs niet-slimme varianten – kunnen online kwetsbaar zijn. Sommige aanwezigen vroegen zich af of afspraken over thuisbatterijen mogelijk onder een bredere norm voor slimme apparaten kunnen vallen.
Aansluiting bij bestaande normen
Een ander belangrijk punt: hoe verhouden nieuwe afspraken zich tot bestaande normen zoals NEN 1010, de norm voor laagspanningsinstallaties? Een deelnemer vroeg zich af of dat deel moet worden uitgebreid. Ook werd gewezen op de noodzaak om Europese normen in het vizier te houden, om doublures te voorkomen.
Vervolgtraject in voorbereiding
Aan het eind van de bijeenkomst kondigde Melsen aan dat NEN zich zal beraden op de uitkomsten: “NEN gaat naar aanleiding van deze bijeenkomst in beraad. We komen met een voorstel voor verdere aanpak.” Bijna de helft van de deelnemers gaf aan te willen meewerken aan een werkgroep, een mogelijke volgende stap in het traject richting een nieuwe norm voor thuisbatterijen.
Bron: NEN