Elektrische doorstromer versus elektrische boiler in de netcongestie
Het elektrisch verwarmen van tapwater blijft een uitdaging. Hiervoor bestaan in principe vijf oplossingen: de combiwarmtepomp, warmtepompboiler, zonneboiler, elektrische boiler en doorstromer. Hoe duurzaam zijn deze apparaten in de praktijk?
Functionaliteit boilers voor verwarmen tapwater
De combiwarmtepomp heeft een buffervat waarin het water opwarmt. In theorie energiezuinig, maar in de winter springt vaak een elektrisch element bij, waardoor het werkelijke rendement (SCOP) lager uitvalt.
De warmtepompboiler is meestal alleen voor tapwater. Ook hier is elektrisch bij verwarmen nodig, onder andere om de boiler wekelijks naar 70 graden te brengen tegen legionella. Dit kost energie. Een zonneboiler is de meest ideale boiler; deze levert warm water wanneer de zon schijnt. De elektrische boiler werkt met een verwarmingselement en verbruikt constant stroom om het water warm te houden.
Zowel warmtepompboilers als elektrische boilers hebben stilstandsverlies: het kost energie om water op temperatuur te houden. De grootte van het buffervat bepaalt hoeveel warm water beschikbaar is. Wie als derde of vierde gaat douchen, krijgt soms lauw of koud water. Niet ideaal en bovendien niet duurzaam.
Ogenschijnlijk hebben ze het voordeel van een lagere aansluitwaarde: rond de 2 kW. Dit lijkt gunstig, maar doordat ze op 60 graden moeten blijven, warmen ze na gebruik steeds opnieuw op. Dat kost tijd en energie. Hier maken doorstromers het verschil.
Voordelen van een doorstromer
De doorstromer is het kleinste en meest compacte warmwatertoestel, én het enige zonder voorraadvat. Voor douche- en keukengebruik is meestal 11 kW voldoende. Hij verbruikt alleen stroom als er daadwerkelijk warm water wordt getapt. Met een capaciteit van ca. 6 liter per minuut is hij bovendien waterbesparend. Dankzij het compacte formaat kan een doorstromer vrijwel overal worden geplaatst, zelfs direct bij het tappunt, zonder warmteverlies in leidingen.
Welk apparaat de voorkeur geniet voor het verwarmen van tapwater met het oog op de netcongestie, legt AB Sales & Trade uit aan de hand van een praktijkvoorbeeld.
Praktijkvoorbeeld tapwater verwarmen
In een zorginstelling hangen 40 boilers van elk 2 kW, samen goed voor 80 kW opgesteld vermogen. Omdat boilers na elk gebruik direct opnieuw moeten opwarmen en ook tussendoor aanspringen om warm te blijven, is de gelijktijdigheid hoog en lastig te berekenen.
Stel dat deze boilers worden vervangen door veertig CLAGE CEX-doorstromers van 11 kW: het opgesteld vermogen stijgt theoretisch naar 440 kW. Volgens onze gelijktijdigheidstabel (opvraagbaar bij AB Sales & Trade) resulteert dit in een gelijktijdigheid van de doorstromers van slechts 8,3%. Per saldo komt dat neer op een vermogen van 36,52 kW (8,3% van 440 kW). Fors lager dan het opgesteld vermogen van de boilers.
Kortom: de doorstromer levert warm water op aanvraag, voorkomt stilstandsverlies, bespaart energie en kan de belasting op het elektriciteitsnet juist verlagen. Daarmee is het een serieus alternatief voor boilers en warmtepompboilers in efficiëntie, plaatsing, comfort én het tegengaan van netcongestie.