Slopende installateurs

Geplaatst op 26 november 2018 door Redactie

Er gaat heden ten dag schitterende technologie door de handen en systemen van de installateur.
Wat voorheen installateur heette, mogen we nu ook best engineeringsfirma of system integrator noemen. Ik heb er vaker over geschreven. Het is intussen ook één en al elektronica wat er in installaties zit, hardware en software.

Dat is al een poosje zo. Vrijwel elke installatie die nu wordt vervangen, elke ‘revamp’, zoals dat in de industrie heet, betreft de sloop van systemen en installaties loaded met printplaten. Waar blijft dat spul allemaal na ‘demolition’, ontmanteling, sloop? Overal en nergens, en dat is een probleem.

Hoezo een probleem? Afgedankte elektronica kan milieuschade veroorzaken. Afgedankte elektronica bestaat uit grondstoffen die tegelijk verontreinigend én herbruikbaar kunnen zijn. Afgedankte elektronica kan componenten bevatten die waardevol zijn, omdat ze niet meer worden geproduceerd en als kostbare ‘spareparts’ de levensduur van apparaten kunnen verlengen. Vergelijk het maar met het doneren van menselijke organen voor transplantatie. We noemen het in de technologie ‘odd components’. Als ze schaars en cruciaal zijn, worden ze goud waard of zelfs platina, titaan, de meest kostbare metalen.

Wordt er wel geoogst via het circuit van slopende installateur? ‘Harvesting’ of ‘scavenging’ noemen we dat in jargon. We weten het niet. Is er sprake van onbenul? Bestaat er een illegaal traject van opkopers en louche handel, dumping? Het is niet duidelijk in de installatiewereld.

Dat is een serieus probleem. Waarom?
Omdat elke leverancier van elektronica spullenboel wettelijk verantwoordelijk is dat alles wat wordt afgedankt gecontroleerd wordt ingezameld en wordt verwerkt tot herbruikbare ‘monostromen’ van basismateriaal. Ja dat leest U goed, ‘wettelijk verantwoordelijk’. Maar dat kán toch helemaal niet, zult u zeggen. Nee, dat blijkt, het kan niet. Van alle professionele technologische apparatuur die wordt verkocht komt maar een klein percentage terug via de leverancier. Het is natuurlijk ook onbegonnen werk, zolang degene die de apparatuur afdankt en degene die het uit een installatie sloopt, niet mede verantwoordelijk zijn.

Dat moet en dat gaat veranderen. De industrie die installaties in gebruik heeft en de installateur die er aan sleutelt, is moreel natuurlijk allang medeverantwoordelijk. En die druk wordt groter. De landen van de Europese Unie zijn het er over eens dat het gecontroleerde retour- en verwerkingspercentage naar 65 % kan en moet. Zelfs een Brexit of andere –exits zullen dat niet veranderen, ook niet bij de weglopers uit de Unie.

Wat doen we nu? De wettelijke verantwoordelijkheid uitbreiden tot de industrie en de installateurs is de meest logische gedachte. Maar willen we dat en kan zo’n wetgeving gehandhaafd worden? Kunnen overtreders worden opgespoord en aangepakt? Niemand wil dwangmaatregelen die ontduiking uitlokken.

Het vrijwillig, daadwerkelijk en aantoonbaar aanvaarden en waarmaken van verantwoordelijkheid is een vorm van professionalisme, maatschappelijke volwassenheid. Is de installatiewereld daar aan toe? Veel wijst er op dat het antwoord op die vraag positief is.

Het maatschappelijk verantwoorde gezicht van de installatiewereld heeft zich nog niet verder in een glimlachplooi hoeven te leggen, het verkopen van energiebesparende installaties en het opleiden van mensen voor de eigen arbeidsmarkt. Alle ruimte dus om ook die slag nu te maken. Het zal ongetwijfeld rapportageverplichtingen met zich meebrengen die slecht georganiseerde bedrijven ervaren als bureaucratie. Wie zijn huishouding op orde heeft, zal er geen moeite mee hebben. Die weet al welke materiaalstromen door zijn handen gaan.

Gelukkig is er al een hele infrastructuur van rapportage opgezet door de leveranciers van elektronische apparatuur. Het is maar een kwestie van aanhaken.
‘Afval bestaat niet’ zegt een professionele internationaal gecertificeerde verwerker van afgedankte apparatuur en ‘slopen is een professionele activiteit’ voeg ik er vandaag aan toe.


Reacties

pim

6 december 2018 om 14.46 uur

Wat een hoogdravende buitenlandse taal en dat in een overgeorganiseerd landje. Nederlands hebben we allemaal leren lezen en schrijven, moedertaal noemen we dat. Iedere installateur weet dat alle metalen een restwaarde hebben. Daar is zelfs een bedrijfstak in, metaalhandel. De meeste echte installateurs laten hun ketels door die specialisten ophalen. Het materiaal is ook bij hen te brengen, totaal, of gesloopt en gesplitst op materiaal brengt het nog een aardig zakcentje op. Printplaten en elektra motoren kunnen graag gebracht worden en worden per kilo verrekend. Ik denk zelfs dat metalen het meest milieuvriendelijke materiaal is, waarvan weinig in de grond gaat en dan is het nog na jaren te gebruiken. Indien ditzelfde ook bij plastic en kunststoffen zou kunnen, zou de wereld dankbaar zijn. b.v. 20 alu-bierblikjes = ± 1kg alu = ± €. 075. Statiegeld?

Adrie Willemsen

5 december 2018 om 08.02 uur

Nog meer geldverslindende ,inderdaad burocratie,en nog lagere marges. De netto prijzen en nog lager liggen nu al via internet op straat. De gratis inzamelpunten voor particulieren zijn voor installateurs ook niet toegankelijk. Als ik op zaterdag met mijn bedrijfsbus mijn tuinvuil kom brengen wordt ik gecontroleerd. Losse onderdelen hergebruiken doe ik al mijn hele leven,maar er wordt steeds meer vervangen omdat repareren niet meer haalbaar en mogelijk is.

Reageren

Dero-Uitgevers gaan zorgvuldig om met uw persoonsgegevens.
Bekijk het privacy statement