Europa-Park pret versus utiliteit

Geplaatst op 27 november 2020 door Redactie

Het is schrikken. Niet eens de pandemie en crisis als zodanig. Dat werd allemaal allang voorzien. Tim van Opijnen, microbioloog en publicist, beschreef het in 2006 nauwkeurig. In 2015 zou het gaan gebeuren. Staat in ‘In de toekomst is alles fantastisch’, populairwetenschappelijke boek, waarvan hij één van de auteurs en redacteur was. Ja, Van Opijnen zat vijf jaar mis. Dat gebeurt bij futurologie die hout snijdt. In George Orwell’s ‘1984’ lees je wat pas zo’n dertig jaar later werkelijkheid werd. Van Opijnen vertrok naar Boston, VS. Wellicht in de veronderstelling dat daar nog altijd alles sneller gaat dan in het Europa van Ilja Pfeiffer.

Nee, waar je van schrikt, is het zicht op onze Europese economie zonder kleren. Op letsgodigital.org heet Europa-Park ‘het grootste pretpark van Europa’. Een attractie in de Duitse deelstaat Baden Württemberg, het dorp Rust, rust roest. Ironie, op de plek van ‘machers’ leeft men van vermaak, van pret.

Dat zien we nu ook in ons landje van melk en honing. Ongehoord grote aantallen mensen blijken voor hun inkomen afhankelijk van de vreet- en pretindustrie, horeca, festivals, evenementen, fitness. Eindeloos gaat het over het ‘knuffelen’ als grootste drama van de crisis. We laafden ons jarenlang aan de knuffelbusiness, ook de wereld van bouw en installatie. Wat was er veel te verdienen aan al die nieuwe centra. Gebouwen konden worden gerealiseerd op basis van forse percentages aan horeca en vermaak. Met de verwachte opbrengst rekenden projectontwikkelaars hun businesscases rond. Ja, ook de distributiecentra, die als oesterzwammen uit de grond kwamen, speculeerden op gemak- en genotzucht van consumenten.

Bouw- en installatiebedrijven hanteren het woord ‘utiliteit’. Het is de aanduiding voor de meeste gebouwen die geen woningen of kantoren mogen heten. “De mate waarin iets bruikbaar is; een toestel dat zijn nut bewijst; een organisatie die een nuttige dienst levert, zoals stroom of water”, zo definieert de Nederlandse Encyclopedie het zelfstandig naamwoord ‘utiliteit’. Nota bene, stroom of water, wat worstelen we daarmee, ook zonder pandemie.

Zelfs als we datacentra bouwen, blijkt dat meer pret dan utiliteit. Veel van de stroom die er wordt verbruikt gaat op aan het faciliteren van gamen en chatten!

Intussen faalt Europa, en niet alleen Europa, in het utiliseren van onze relatie met Afrika en het Midden Oosten. De ellende die dat oplevert bereikt onvermijdelijk ons pretpark, dat weten we al sinds, pakweg, 1970. Vanwege de economische focus op pret, utiliseren we nu de drama’s aan de Europese grenzen niet anders dan met tenten, hekken en honden. Ontmoediging door het bewust creëren van wantoestanden. Kom niet aan onze pret!

Paul Witteman schreef in zijn voorwoord voor ‘In de toekomst is alles fantastisch’ dat optimisme ‘een opdracht in het leven’ is. Het boek wás optimistisch: we gaan onze gezondheid volledig beheersen. Het is de tweede ontluisterende mismatch: na pret, het ziekenhuisbed. Energietransitie, water als eerste levensbehoefte, duurzaamheid, da’s waarschijnlijk een nuttigere, meer fundamentele, focus, voor Europa en de rest van de wereld. Ook voor de bouw en installatie.

Reageren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
Dero-Uitgevers gaan zorgvuldig om met uw persoonsgegevens.
Bekijk het privacy statement